Auteur: Redactie

Column Jan van Alphen over Digitale Connectiviteit

Deze column verscheen op 11 oktober op CloudWorks.nu.

Digitale connectiviteit vormt voor BTG en haar leden een belangrijk en actueel najaar thema, dat zowel wordt vertaald in het ledenprogramma als in de activiteiten als branchevertegenwoordiger namens de zakelijke afnemers.

Medio 2016/begin 2017 heeft het Ministerie van Economische Zaken de nota Frequentiebeleid afgerond, die inmiddels succesvol in de Tweede Kamer is gepresenteerd. Hiermee is een belangrijk punt geadresseerd, namelijk dat een goede en evenwichtige beschikbaarheid en verdeling van frequenties in het belang van alle stakeholders is. Als gevolg van de groeiende behoefte aan mobiele data, mede door de huidige ICT-ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld IoT, Videostreaming, maar ook 5G, is een goede regie op dit thema naast een economisch belang, ook een groeiend maatschappelijk belang geworden.

De continue borging van de beschikbaarheid van vooral mobiele data- en communicatievoorzieningen is tevens een toenemende zorg voor onze leden, organisaties die de verantwoordelijkheid dragen voor de realisatie van deze bedrijfskritieke diensten aan hun medewerkers en klanten. Vooral sectoren op het gebied van Veiligheid, Logistiek en Zorg dragen hierbij een extra verantwoordelijkheid, omdat een groot aantal van hun diensten direct de veiligheid raakt van personen, dus hiermee een levensafhankelijke taak vervullen.

Binnen de BTG hebben deze leden zich verenigd in een aantal expertise groepen, die vanuit gezamenlijke vraagbundeling en belang de requirements ontwikkelen voor de marktoplossingen en policymakers. Vanuit de branchevereniging worden hun belangen zowel nationaal als internationaal ingebracht binnen de diverse overheidsdialogen.

Einde dit jaar rondt het Ministerie van Economische Zaken haar tweede belangrijke nota af, namelijk Mobiele Communicatie. Hiervoor is diverse malen geconsulteerd en heeft inmiddels door Consultancy partner Strict aanvullend onderzoek bij de betrokken stakeholders plaatsgevonden. Op basis van deze resultaten zal Economische Zaken haar concept eind dit jaar definitief maken.

Eén van de getrokken conclusies betreft de nadere uitwerking van de invulling van bedrijfskritieke communicatie in de vervolgstudie Digitale Connectiviteit, waarvoor Economische Zaken dit najaar een aantal markt- en gebruikersdialogen zal organiseren. Vanuit BTG zal hierop worden aangesloten met een aantal masterclasses en themabijeenkomsten, te weten op dinsdag 10 oktober a.s. een masterclass in samenwerking met marktpartijen zoals Flash, gericht op de impact van 5G op de invulling van mobiele communicatieoplossingen. Op 7 november a.s. organiseert BTG een uitgebreide vervolgdialoog over de invulling van indoorcoveragevraagstukken bij BTG-lid Schiphol. Hierbij sluiten zowel gebruikers, marktpartijen als overheidsvertegenwoordigingen aan. Daarnaast werkt BTG in samenwerking met de vier MNO’s constructief aan de ontwikkeling van marktneutrale standaarden voor de koppeling van MNO-services op indoornetwerken die door gebouweneigenaren of -beheerders worden beheerd.

Hiermee positioneert BTG zich als intermediair namens zakelijke gebruikers in het speelveld van policymaking en de mark door de ontwikkeling van pragmatische oplossingen, die in het voordeel zijn van alle stakeholders. Zie onze BTG-website voor de agenda, u bent van harte welkom aan te sluiten!

Column Jan van Alpen over Verenigingsneutraliteit

Deze column verscheen op 9 juni op CloudWorks.nu.

Als ICT/Telecommunicatie branchevereniging streeft BTG ernaar veelzijdig te zijn. Enerzijds bieden wij onze leden een (kennis)netwerk, waarvan onze diverse bijeenkomsten en expertgroepen getuigen. Anderzijds dienen we het belang van onze leden, waarvan veel organisaties als groot of midden zakelijke afnemers worden omschreven. BTG vervult de functie van facilitator-, broker en/of intermediair, die partijen (klanten en aanbieders) samenbrengt, verbindt en de strategische samenwerking faciliteert en organiseert.

BTG beoogt transparant, laagdrempelig, resultaat gedreven te zijn en streeft naar een optimale leveranciersneutraliteit. Tevens levert BTG de (aanvullende) expertise die de invulling van activiteiten vormgeven. Onze leden zijn aanbieders van ICT/Telecommunicatiediensten en/of -producten, dan wel zakelijke afnemers van deze diensten en producten. We hebben inmiddels ruim tweehonderd leden, die zowel in de private als publieke sector actief zijn. Binnen dit ‘speelveld’ van de overheid, markt en technologische ontwikkelingen op het gebied van ICT wil de vereniging zich gebalanceerd bewegen en dit is niet altijd vanzelfsprekend of eenvoudig. In de diverse dialogen komt dan ook de vraag voorbij: in hoeverre is onze branchevereniging ‘neutraal’? Een goede fundamentele vraag waarover het bestuur van BTG, mede in het kader van de toekomstige ontwikkelingen en de positie van de vereniging, momenteel actief nadenkt. De wereld verandert, zo ook de (technische) ontwikkelingen. Wat betekent dit voor BTG en ook onze dochteronderneming TGG en waarin ligt onze toekomst en meerwaarde?

BTG wil als branchevereniging een vereniging voor al haar leden zijn en streeft naar de best mogelijke behartiging van de belangen van alle leden. Gezien de aard en doelstellingen van de vereniging kan het voorkomen dat de belangen van de gewone leden, de zakelijke afnemer dienen te prevaleren ten opzichte van die van de geassocieerde leden, de aanbieders van ICT-producten of diensten. BTG houdt in dat geval evenwel altijd oog voor de positie van alle partijen. Naast haar rol als belangenbehartiger wil de vereniging vooroplopend, vooruitstrevend, verbindend, ondernemend en opiniërend zijn. Transparantie vormt hierbij een belangrijke voorwaarde, ook in het aangaan van strategische samenwerkingen. Die samenwerkingen moedigt BTG aan, indien zij worden aangegaan in het belang van de leden en ten goede zullen komen aan de gebruikers. BTG focust zich op de ontwikkeling en levering van producten en/of diensten die marktimperfecties oplossen. Dus daar waar een structurele klantenbehoefte niet of nog niet door de markt in de vorm van een product of dienst wordt geleverd. Daarnaast wil BTG diensten of activiteiten leveren die ervoor zorgen dat aanbieders onderling efficiënter kunnen werken, door deze gezamenlijk uit te voeren. Dit kunnen activiteiten zijn die voortvloeien uit wet- en regelgeving, normen, standaarden en opleidingsvereisten. Op dit punt houdt BTG tevens het belang van de (geassocieerde) leden in het oog en op deze wijze behoudt de vereniging deze gevoelige weegschaal van belangen in balans.

Column Jan van Alphen over de landlords van indoorcoverage

Deze column verscheen op 19 mei op CloudWorks.nu.

Als branchevereniging maakt BTG zich sterk voor de belangen van een groot aantal leden dat zichzelf mag betittelen als zogenaamde ‘landlords’. Een niet ingevoerde op dit thema zal in eerste instantie wellicht denken dat dit landeigenaren of grootgrondbezitters zijn, dan wel een vage adellijke titulatuur. Dit is echter geen correcte veronderstelling, maar van een zekere noblesse oblige is zeker sprake als je jezelf verdiept in de complexe verplichtingen en verantwoordelijkheden die deze landlords dragen in het kader van de gebouwen of gebouwcomplexen en terreinen waarvan men eigenaar of beheerder is.

Veel BTG-leden uit het groot zakelijke segment zijn verantwoordelijk voor Nutsvoorzieningen in hun werkomgevingen, dit vaak in combinatie met de verantwoordelijkheid voor een goed en volledig werkende ICT-infrastructuur, waarvan de mobiele netwerkvoorzieningen en -systemen tevens onderdeel uitmaken.

Op dit terrein is er in de laatste jaren sprake van een sterk toenemende complexiteit. Veel BTG-leden beschikken over uitgebreide vaste en WiFi netwerken, maar dienen er ook voor te zorgen dat GSM, UMTS, LTE en over niet al te lange termijn ook 5G in de gebouwen goed functioneren. Hiervoor realiseert men vaak een Distributed Antenna System (DAS). De borging van de benodigde beschikbaarheid, bereikbaarheid, redundantie, veiligheid en capaciteit vergen in dit verband veel creativiteit en denkwerk van onze landlords. Een groot aantal van hen dient daarnaast portofonie, DECT, C2000 en oproepsystemen aan te bieden om de mobiele communicatie in hun gebouwen te faciliteren. Dit complexe spel van de vertaling van deze requirements in een integrale infrastructuur is nodig, omdat de frequentiebanden waarvan deze systemen en technieken gebruik maken in elkaars verlengde kunnen liggen. Hierdoor ontstaat een grote kans op interferentie, waardoor een nauwkeurige radioplanning een vereiste is geworden. Daarnaast moet men ook voldoen aan verschillende (wettelijke) normen en eisen om de benodigde infrastructuren aan te leggen of te beheren, van NEN2575, 7510 tot ook soms medische ISO-certificeringen indien men in de zorg werkzaam is.

De te realiseren en te beheren infrastructuren zijn tevens erg kostbaar en leiden tot aanzienlijke structurele investeringen en beheercomplexiteit. Deze zaken vormen onvermijdelijke randvoorwaarden voor de borging van de bedrijfsvoering en de primaire mobiele communicatieprocessen. Dit geldt zeker als mobiele communicatie bedrijfskritiek is, dus wanneer hiervan mensen sterk afhankelijk zijn, zoals bijvoorbeeld in de zorg, lucht- en scheepsvaart en het treinverkeer. Om deze redenen bundelen onze leden zich in diverse expertgroepen, waaronder Kritische Mobiele Breedband Gebruikers en indoordekking. In deze kennis netwerkgroepen werkt men gezamenlijk aan de uitwerking van deze complexe thema’s.

Gelukkig onderkent ook de overheid naast de economische ook de toenemende maatschappelijke noodzaak om deze vormen van mobiele communicatie te borgen in Nederland en daarbuiten. Hiervoor heeft het ministerie van Economische Zaken onder andere randvoorwaarden benoemd in de nieuwe nota Frequentiebeleid 2016 en conceptnota Mobiele Communicatie 2017, waarvan zojuist de marktconsultatie is afgerond.

BTG zet zich sterk in om namens haar leden deze zaken te adresseren en overigens met enig succes, want ook gezamenlijk met de markt – waaronder de MNO’s – wordt nu dialoog gevoerd over standaarden waarmee alle stakeholders uit de voeten kunnen. Van afnemer, markt tot overheid vormt dit een aanzienlijke winst.

Voor de zakelijke afnemers leidt dit vooral tot enige vereenvoudiging in de complexe uitdagingen die men heeft bij indoornetwerken en mobiele communicatie, want in veel sectoren kunnen de vaak aanzienlijke kosten maar één keer worden uitgegeven.

Column Jan van Alphen over ICT-ecosystemen worden gebouwd door samenwerking en integrale standaarden

Deze column verscheen op 10 april op CloudWorks.nu.

Net zoals velen van u nam ook een BTG-delegatie onlangs deel aan het Mobile World Congress (MWC) in Barcelona. Op uitnodiging van het Holland High Tech paviljoen werd onder andere deelgenomen aan de Innovatietour van organisator Danny Frietman, waarmee Nederland zich na langere tijd afwezigheid weer uitstekend internationaal heeft geprofileerd. Een overweldigend aanbod van fabrikanten en leveranciers bood inspiratie en nieuwe inzichten. Het MWC is net een dorp, want je komt er iedereen tegen en dit biedt geweldige netwerkmogelijkheden en een kans om iedereen te spreken. Er was dan ook een algemeen uitgelaten, positieve sfeer, mede ingegeven door de groei-impulsen van de nieuwe ontwikkelingen op het gebied van 5G, intelligente netwerken en IoT.

Dat we niet meer om 5G heen kunnen en willen, was evident. Een en al jubel rond dit thema; de kansen die het biedt op het gebied van mobiele datacapaciteit-snelheid en integratie van technieken en toepassingsgebieden is enorm. We betreden het tijdperk van een disruptieve industriële ICT-revolutie.

In economisch en maatschappelijk opzicht vormt dit een goede stimulans, zeker in relatie tot de vele andere thema’s waarover de wereld momenteel in vertwijfeling verkeert.

Maar is hier niet een kritische kanttekening gerechtvaardigd om ons realisme niet kwijt te raken? Denk alleen maar aan de complexe impact op latency- en netwerkdimensioneringsvraagstukken. Of de wijze waarop we met de toenemende verdeling van frequenties omgaan, mede in relatie tot de veel benoemde frequentie schaarste en de stagnerende werking van het huidige, deels gesloten, marktconcurrentie veld, dat relatief nog te weinig biedt aan veelbelovende nieuwkomers.

Niet dat we nu beren op de weg moeten gaan zien, want het huidige ondernemings- en ontwikkelingsenthousiasme moeten we vanuit onze noodzaak tot innoveren niet temperen. Echter ook aan de randvoorwaarden en nog te ontwikkelen technische oplossingen moeten we blijvend hard werken. Gelukkig zien we de markt hierin goede move’s maken zoals bijvoorbeeld Huawei en Ericsson, maar ook een Chinese partij zoals Comba, die flexibele, intelligente systemen en netwerkcomponenten ontwikkelen, die een maximale flexibiliteit, capaciteitsverdeling van frequentiemanagement en inzet van technieken bieden. Dit naast en in combinatie met de vele initiatieven die op lokaal en indoornetwerkniveau worden vormgegeven. Het geheel van infrastructuren, beschikbare technieken (capaciteit), systemen en toepassingen gaat alleen goed en volledig werken bij een zo optimaal mogelijke inzet hiervan, waarvoor standaarden en open policies nodig zijn. 

Op de beurs was uiteraard veel aandacht voor trends en toepassingen, waaronder IoT, Virtual Reality, nanotechnologie en robotica voor een grote diversiteit van zakelijke branches en consumenten. Een voorbeeld hiervan toonde de universiteit van Stockholm, dat onderzoek doet naar een positieve gedragsbeïnvloeding door de inzet van volledig met IoT uitgeruste appartementen ten behoeve van een bewuster energieverbruik. Vergelijkbare voorbeelden van IoT waren er in overvloede.

5G, mede in combinatie met IoT biedt veel nieuwe mogelijkheden, waarbij de invulling van IoT een belangrijke factor is voor de realisatie van functionele toepassingen. Voor IoT moeten in de komende tijd standaarden worden ontwikkeld, waarvoor een strategische samenwerking van overheden, markt en consument nodig is.

Het is hierbij wel een vraag of een aantal huidige gevestigde marktpartijen voldoende invulling kan geven aan de veranderende requirements, organisatie skill’s en vaardigheden en de hiervoor benodigde wendbaarheid en slagvaardigheid. De mogelijkheid tot nieuwe producten en diensten biedt immers kansen voor nieuwe marktpartijen en deze zie je ook ontstaan. De rol en strategische marktpositionering van de huidige MNO’s en MVNO’s verandert en ook zij zullen anders moeten omgaan met de vaak nog traditionele businessmodellen die zij tot op heden hanteren, mede om hun marktpositie te beschermen. De toekomstbestendigheid van de producten en diensten ligt in het integraal aanbieden van mobiele ketendienstverlening, gebaseerd op zo veel mogelijk open standaarden en compatibiliteit. Hierbij speelt ook dat de impact van 5G op mobiele netwerkvraagstukken en technische integratievraagstukken door veel partijen nog als complex wordt ervaren, zowel voor indoor- als outdoor toepassingen. De overheden, gebruikers en markt zullen gezamenlijk de handen ineen moeten slaan in een strategische samenwerking, die onze innovatieve kracht zal bevorderen.

Column Jan van Alphen over Let’s roam the World!

Deze column verscheen op 16 december op CloudWorks.nu.

Als BTG-voorzitter en boardmember van INTUG (International Telecommunications UserGroup) heb ik het genoegen te mogen deelnemen aan een aantal beleidsdialogen op nationaal en internationaal niveau. De keuze hierin wordt mede bepaald door de strategische speerpunten, die we met en voor onze leden vaststellen. Beschikbaarheid van mobiele service en netwerken, snelheid, capaciteit, universele toegankelijkheid en marktharmonisatie, transparante en betaalbare abonnementen en tarieven zijn veelgenoemde zaken en deze vormen voor onze leden, vanuit het zakelijke consumentenperspectief sinds lange tijd een hoofdpijndossier.

Eén van de discussie aspecten betreft roaming. In verband met zowel actuele, politieke als maatschappelijke en economische ontwikkelingen binnen zowel de Europese Unie als daarbuiten betreft dit een ‘hot’ en politiekgevoelige topic, dat vanuit het consumentperspectief mede de beeldvorming bepaalt over de mate van gewenste samenwerking binnen de Europese Unie.

Zowel overheid, markt als afnemers constateren immers een toenemende ICT-afhankelijkheid bij de borging van communicatie en informatie-uitwisseling. Daarbinnen is een goedwerkende mobiele communicatie dan ook absolute randvoorwaarde geworden, mede voor de uitvoering van onze corebusiness. Bedrijfskritieke processen vormen hierbinnen een extra punt van aandacht.

Europees versus wereldwijd

Tijdens de, door de ITU in september georganiseerde, Consultation Meeting on International Mobile Roaming in Geneve werd besloten dat men gaat werken aan de ontwikkeling van strategische richtlijnen voor wereldwijde roaming. Vanuit INTUG en BTG nemen we hieraan deel.

De ITU-werkgroep richt zich op de ontwikkeling van wereldwijde richtlijnen voor roaming. Binnen Europa is deze discussie momenteel vooral gefocust op de inrichting van de Fair Use Policy-aspecten voor data en telefonie, waarbij het accent op dataverbruik ligt. Eind oktober sprak de Europese Commissie zich uit dat providers vanaf 15 juni 2017 geen kosten meer in rekening mogen brengen voor bellen, sms’en en internetten in andere EU-landen. De aanvankelijk geplande Fair Use Policy van negentig dagen, om misbruik te voorkomen, lijkt van de baan; wel kunnen telecombedrijven maatregelen treffen als ze misbruik signaleren, waarbij de aantoonbaarheidsplicht vooralsnog bij de consument komt te liggen.

Om de afschaffing mogelijk te maken, worden de roamingtarieven aangepast die de providers aan elkaar doorberekenen. Dit leidt tot veel discussie, want gevreesd wordt dat deze kosten toch nog worden doorberekend aan de consument. Daarnaast is discussie gaande over de wholesale plafondtarieven, waarbij de reguliere, zuidelijke vakantielanden nog niet dezelfde beelden hebben als de noordelijke landen. Ook hier wordt gewerkt aan het wegnemen van controverses, waardoor de transparantie in de gerealiseerde consensus steeds verder te zoeken is. De vraag is dan ook waar dit proces zal eindigen? Schieten we hiermee niet voorbij aan onze initiële doelstellingen van vrij, kostendekkend en transparant gebruik? De consument zal dit straks niet kunnen volgen en voorzichtigheid blijven betrachten. De vraag is of dit de initiële samenwerkingbevorderende gedachte zal stimuleren en in hoeverre de initiële harde afschaftoezeggingen waar worden gemaakt. De tijd zal dit ons leren, 15 juni is al dichtbij…

Toch is het geleidelijk terugbrengen en elimineren van roamingtarieven binnen en buiten Europa een nobel streven. Het tarievenstelsel en de hierop gebaseerde businessmodellen zijn ernstig verouderd, niet toekomstbestendig en dus op den duur onhoudbaar. Het belemmert onze innovatie ambities, waarbij ‘Connecting the World’ onze horizon is. Dit is in het gemeenschappelijke belang van onze overheden, marktleveranciers en consument. Een wereldwijd, door alle stakeholders vastgesteld beleid is op den duur essentieel om door ICT gefaciliteerde communicatie op verantwoorde wijze fundamenteel goed vorm te geven. Uiteindelijk willen we allemaal vrij kunnen communiceren, handelen, zakendoen en nieuwe diensten en betere service.