Auteur: Redactie

Cybercriminelen richten zich op verouderde systemen

Het bestoken van verouderde, slecht beveiligde systemen is en blijft een effectieve aanvalsstrategie voor cybercriminelen. het Fortinet Threat Landscape Report van FortiGuard Labs meldt dat cybercriminelen vaker misbruik maken van kwetsbaarheden die minimaal twaalf jaar ouder zijn dan van recent ontdekte kwetsbaarheden. Ook maken ze vaak gebruik van Ransomware-as-a-Service (RaaS), die via het dark web wordt aangeboden.

Cybersecurity-specialist Fortinetg publiceert het Global Threat Landscape Report voor het derde kwartaal van 2019. Hieruit blijkt onder meer dat Cybercriminelen het digitale aanvalsoppervlak blijven afspeuren naar nieuwe aanvalsmogelijkheden, zoals internetinfrastructuren en protocollen voor netwerkcommunicatie. De reden hiervoor is dat steeds meer organisaties hun personeel beveiligingstraining en -voorlichting aanbieden zodat populaire aanvalstechnieken zodat phishing minder succesvol zijn.

De samenvatting van de belangrijkste onderzoeksbevindingen zijn:

Lucratievere verdienmodellen: In navolging van de lucratieve GandCrab-ransomware, die via het dark web werd aangeboden als Ransomware-as-a-Service (RaaS)-oplossing, introduceren cybercriminele bendes nieuwe diensten om hun verdienpotentieel te vergroten. Door een netwerk van partners op te zetten kunnen zij hun ransomware op bredere schaal verspreiden en hun winsten flink opschroeven. FortiGuard Labs observeerde RaaS-varianten van twee belangrijke ransomwarefamilies, Sodinokibi en Nemty. Volgens het onderzoeksteam is er de mogelijkheid dat er een vloedgolf aan vergelijkbare diensten op komst is.

Kansen vergroten door misbruik van oudere kwetsbaarheden en bestaande botnets: Het bestoken van verouderde, slecht beveiligde systemen is en blijft een effectieve aanvalsstrategie. FortiGuard Labs ontdekte dat cybercriminelen vaker misbruik maken van kwetsbaarheden die minimaal twaalf jaar ouder zijn dan van recent ontdekte kwetsbaarheden.
De trend om kansen te maximaliseren is ook van toepassing op botnets. Meer dan bij elk ander type bedreiging vertoont is er wat de belangrijkste botnets betreft sprake van weinig verandering per regio en van kwartaal op kwartaal. Dit doet vermoeden dat de beheerinfrastructuur voor botnets een permanenter karakter heeft dan specifieke tools en functionaliteit. Dit lijkt erop te wijzen dat cybercriminelen niet alleen nieuwe kansen benutten, maar waar mogelijk ook bestaande infrastructuren om de efficiëntie te vergroten en overhead terug te dringen.

Van tactiek veranderen om organisaties te verrassen: Het merendeel van alle malware wordt verspreid via e-mail. Veel organisaties hebben het probleem van phishing-aanvallen agressief aangepakt door eindgebruikers training en voorlichting te bieden en hen van geavanceerde tools voor e-mailbeveiliging te voorzien. Hierdoor zoeken cybercriminelen hun heil bij andere kanalen voor het verspreiden van malware. Ze maken onder meer gebruik van openbaar toegankelijke diensten aan de netwerkrand, zoals internetinfrastructuren en protocollen voor netwerkcommunicatie. Daarnaast hacken ze ad blocker-tools om achterdeurtjes open te zetten voor cyberaanvallen die geen gebruikmaken van traditionele phishing-tactieken. Dit jaar observeerde FortiGuard Labs bijvoorbeeld dat cybercriminelen misbruik maakten van kwetsbaarheden voor het op afstand uitvoeren van kwaadaardige code die het op edge-diensten had voorzien. Dit type aanval kwam in alle regio’s het vaakst voor. Hoewel dit op zichzelf geen nieuwe tactiek is, kan het wijzigen van tactiek beveiligingsprofessionals verrassen, zodat de slagingskans groter wordt. Dit kan met name problemen opleveren in aanloop naar de feestdagen, wanneer online diensten druk worden bezocht.

Optimalisatie van malware: Cybercriminelen verfijnen daarnaast hun malware om detectie te omzeilen en steeds geavanceerdere en verwoestender aanvallen uit te voeren. De ontwikkelingen rond de malware-variant Emotet zijn daar een goed voorbeeld van. Cybercriminelen maken steeds vaker gebruik van banking trojans om andere payloads (kwaadaardige code) via geïnfecteerde systemen te verspeiden. Dit vergroot hun kansen om geld buit te maken. Recentelijk zijn aanvallers begonnen met het gebruik van Emotet als mechanisme voor de verspreiding van ransomware, information stealers en andere banking trojans, zoals TrickBot, IcedID en Zeus Panda. Ze kapen daarnaast ‘email threads’ van betrouwbare bronnen om er malware aan toe te voegen. Dit vergroot de kans dat de kwaadaardige bijlagen worden geopend.

Vincent Zeebregts, country manager Fortinet Nederland: “Cybercriminelen proberen voortdurend om beveiligingsprofessionals een stap voor te zijn. Ze ontwikkelen niet alleen nieuwe malware en zero day-aanvallen, maar hergebruiken ook tactieken die in het verleden succesvol zijn gebleken. Daarmee kunnen ze zoveel mogelijk kansen binnen het aanvalsoppervlak benutten. Naast essentiële maatregelen zoals patching, netwerksegmentering en het aanbieden van beveiligingstraining aan het personeel moeten organisaties ook automatisering en artificial intelligence omarmen. Dit vergroot hun vermogen om gegevens over bedreigingen met elkaar in verband te brengen en in real time op cyberbedreigingen te reageren. Deze aanpak heeft echter alleen een kans van slagen als organisaties al hun beveiligingsoplossingen integreren met een security fabric die overzicht biedt op het zich snel uitdijende netwerk en zich daaraan kan aanpassen.”

Een gedetailleerde bespreking van de Threat Landscape Index en subindexen voor exploits, malware en botnets is te vinden in het blog van Fortinet, samen met belangrijke aanbevelingen voor beveiligingsprofessionals.

Over het rapport en de Threat Landscape Index
Het Fortinet Threat Landscape Report is een kwartaalpublicatie die wereldwijde en regionale perspectieven biedt op het actuele bedreigingslandschap. Het vormt de neerslag van de informatie die FortiGuard Labs in het derde kwartaal van 2019 verzamelde via het wereldwijde sensornetwerk van Fortinet. De Fortinet Threat Landscape Index (TLI) maakt deel uit van het rapport en brengt de aantallen, regelmaat en ontwikkelingen in kaart voor drie belangrijke en elkaar aanvullende aspecten van het bedreigingslandschap: exploits, malware en botnets.
Deze subindexen bieden een overzicht van de meest voorkomende typen bedreigingen en aantallen voor het desbetreffende kwartaal.

Alcadis; markt voor private LTE in stroomversnelling

De marktontwikkeling van Private LTE (pLTE) is in Nederland in een stroomversnelling gekomen. Dit is mede te danken aan de CBRS-band in de Verenigde Staten, die sinds juni 2019 klaar is voor commercieel gebruik, stelt netwerk specialist Alcadis.

CBRS staat voor Citizens Broadband Radio Service. Fabrikanten van hard- en software (zoals Commscope/Ruckus Networks en Nokia) en Service Providers (zoals Comcast, T-Mobile en Verizon) hebben zich verenigd in de CBRS Alliance. Hiermee willen de fabrikanten en Service Providers het samen mogelijk maken voor commerciële partijen om LTE/4G-netwerken uit te rollen en te beheren zonder eigenaar te hoeven zijn van een licentie voor spectrum in deze band. Binnen een maand na lancering zijn de eerste succesverhalen in de Verenigde Staten al gerealiseerd.

Kansen voor Nederland
In diverse Europese landen is dezelfde band als die voor CBRS wordt gebruikt (band 42 - 43) ook voor Private LTE-netwerken. In Nederland zijn er mogelijkheden voor bedrijven om per locatie een licentie te verkrijgen voor een stuk spectrum in band 43. Omdat dit overeenkomt met (een deel van) de CBRS-band wordt het dus mogelijk om tegen lage kosten een eigen Private LTE-netwerk te bouwen en te beheren. Er is al een ecosysteem van telefoons, tablets en mobiele routers die ook op band 43 werken en dat zal snel worden uitgebreid nu CBRS commercieel wordt toegepast. Omdat in Nederland licenties worden uitgegeven voor band 43, is er garantie op een storingsvrij spectrum. Dat is uitermate belangrijk als het aankomt op bedrijfskritische mobiele spraak- en datanetwerken. Denk daarbij aan toepassingen in de industrie, gezondheidszorg, educatie, mijnbouw, logistiek, etc. Wi-Fi specialisten die draadloze netwerken ontwerpen en bouwen, kennen de problematiek van mobiele netwerken op niet gelicenseerd spectrum (zoals de 2.4 en 5 GHz voor Wi-Fi). Als zij bedrijfskritische netwerken willen leveren, is de stap om Private LTE aan hun portfolio toe te voegen niet meer dan logisch.

Speciale training
De LTE-architectuur is fundamenteel anders dan die voor Enterprise WLAN-netwerken. Daarom biedt Alcadis in de Alcadis Academy nu een Advanced (Private) LTE Training aan. Dit is een tweedaagse training, met als doel om (vendor-onafhankelijke) kennis over Private LTE naar een breed partnerkanaal over te dragen. De locatie van de training is centraal in het land, in het Experience Center van Alcadis in Houten.

Over Alcadis
Alcadis is een netwerk specialist met een focus op breedband en draadloze connectiviteit. Met professional services en een innovatief productportfolio zijn wij een waardevolle partner voor Internet Service Providers, operators en een breed partnerkanaal. In samenwerking met onze partners realiseren wij geavanceerde verbindingen die betrouwbaar en duurzaam zijn. www.alcadis.nl

Oplopende kosten grootste obstakel bij voortgang in IT-kwaliteitszorg

60% van de IT-beslissers meldt dat oplopende kosten de belangrijkste uitdaging zijn in de voortgang van kwaliteitszorg voor ontwikkeling van digitale producten. Aansluiting op zakelijke prioriteiten en gewenste klantverwachtingen plus nieuwe security-ontwikkelingen zijn eveneens belangrijke aandachtspunten bij het verder verbeteren van kwaliteitszorg in IT.

Dat zijn uitkomsten uit het jaarlijkse World Quality Report dat Capgemini en Sogeti in samenwerking met Micro Focus inmiddels voor het elfde jaar op rij publiceren. Het rapport concludeert verder dat testprocessen in de komende jaren slimmer worden en sneller gaan dankzij de inzet van respectievelijk kunstmatige intelligentie en volledig geautomatiseerde testplatforms.
Joost Ramaekers, Head of Sogeti Nederland verklaart: “Dit nieuwste World Quality Report bevestigt dat de juiste vaardigheden, veiligheid, kosten en end-to-end geautomatiseerde testprocessen cruciaal zijn voor de digitale transformatie waarin organisaties zitten,”.

Oplopende kosten
Het percentage IT-beslissers dat zorgen uitspreekt over oplopende kosten is in twee jaar tijd met 39% gestegen naar 60. Gebrek aan testgegevens en testbeheeromgevingen zorgen ervoor, dat kosten verder oplopen. In de Benelux-landen geeft slechts 24% van de ondervraagde IT-beslissers aan dat ze voldoende testomgevingen in huis hebben, waar dat wereldwijd nog 40% is. Daarom wijken organisaties in de Benelux vaker uit naar een externe cloudomgeving. Tegelijkertijd toont het onderzoek aan dat België en Nederland voorop lopen met agile werken in een omgeving waar ontwikkelaars en beheerders volledig samen optrekken.

Minder geduld
Wat eveneens opvalt in de onderzoeksresultaten is dat commerciële bedrijfsdoelstellingen steeds vaker leidend zijn voor het bepalen van test- en kwaliteitszorgdoelstellingen. 40% van de respondenten geeft aan dat testactiviteiten voor digitale producten altijd direct moeten bijdragen aan bedrijfsgroei en/of klanttevredenheid.
Verder blijkt dat digitale veiligheidsmaatregelen inmiddels bij het merendeel van de organisaties integraal onderdeel is van testprocessen. Zo geeft 58% van de respondenten aan dat security in een cloudomgeving wordt getest. Dat was nog maar 42% in 2015. 53% van de IT-beslissers meldt dat verdergaande testautomatisering bijdraagt aan het reduceren van veiligheidsrisico’s. Het uitbreiden van securitymaatregelen ziet 44% van de respondenten als belangrijkste IT-prioriteit dit jaar. Het merendeel (52%) van de IT-beslissers ervaart technische veiligheidsuitdagingen in hun bestaande applicatielandschap.

Testautomatisering vereist meer digitale processen
Sinds een paar jaar neemt het automatisering van testprocessen toe. Zo zegt 63% van de respondenten dat geautomatiseerde testprocessen bijdragen aan verbeterde controles en meer transparantie in testactiviteiten, betere opsporing van softwarefouten (56%), versnellen van het testproces (54%) en het verlagen van de kosten (56%).
Tegelijkertijd laat het onderzoek dit jaar zien dat testautomatisering meer dan ooit vraagt om een volledig gestroomlijnd digitaal proces vanaf het eerste ontwerp van het software-product tot aan het moment dat de applicatie beschikbaar komt. 63% van de respondenten geeft aan dat er nog geen sprake is van een zogeheten end-to-end automatiseringsproces. Dat percentage is ten opzichte van vorig jaar gestegen, toen 55% deze zorg uitsprak.

Gebrek aan competentie
De inzet van kunstmatige intelligentie gaat gepaard met een gebrek aan gewenste vaardigheden in veel organisaties. 41% van de IT-functionarissen heeft te maken met een tekort aan relevante competenties op het gebied van kwaliteitszorg en testen. Daarom doet 58% van de ondervraagde organisaties een beroep op ingehuurde expertise.
“Veranderingen in kwaliteitszorg en testen volgen elkaar in een rap tempo op. Innovatie moeten zorgen voor het verlagen van kosten en het verbeteren van processen. Kwaliteitszorg verschuift steeds meer van een willekeurig onderdeel in de organisatie naar een strategische expertise die fundamenteel is voor het bedrijfssucces,”, vertelt Mark Buenen, Global Leader Digital Assurance & Testing van Sogeti. “Dat zorgt ook voor de nodige uitdagingen die vragen om een andere manier van werken. Zo zullen ontwikkelaars en beheerders steeds meer samen gaan optrekken en moeten organisaties toe naar een meer holistische testingaanpak waarbij meerdere disciplines elkaar integraal versterken. Ik adviseer bedrijven en instellingen eveneens testdatabeheer onder te brengen in een ‘center of excellence’.”

 

Download hier het volledige rapport

BTG prominent aanwezig op Smart City Expo World Congress

BTG bezoekt met een delegatie de wereldbeurs Smart City Expo World Congress in Barcelona en is ook vertegenwoordigd in het Holland Paviljoen. Op woensdag 20 november van 11.00 – 11.30 uur presenteren Eric Reij, Petra Claessen en Danny Frietman in Barcelona de plannen van BTG rond het thema "Intelligent Connectivity empowering Smart Sustainable Cities".

Samen met de partners uit de BTG Expertgroep Smart Cities presenteren we diverse toepassingen voor een smart sustainable city. Of het nou gaat om security, mobility of resilience. We gebruiken de gemeente Almere als voorbeeld en kijken naar de toepassingen van 5G bij de ontwikkeling van de Floriade Expo 2022.
De afgelopen jaren heeft BTG als belangenbehartiger ook in dit domein grote stappen gezet. BTG is de formele partner in Nederland om het project U4SSC van de UN verder uit te rollen. De reden is dat BTG Vereniging vanuit een onafhankelijke rol, in combinatie met de aangesloten bedrijven, organisaties, contacten met de overheid, de brugfunctie kan vervullen naar al die steden die een “Smart Sustainable City” willen worden.

Naar verwachting 25.000 bezoekers uit 146 landen bezoeken dit jaar de Expo, die loopt van zondag 17 tot en met donderdag 21 november. Meer dan 800 gemeenten uit de hele wereld zijn er vertegenwoordigd. Hier staan een kleine 900 exposanten en een serie aan congressen en side-events met rond de 450 sprekers. Nederland zal met een innovatiemissie en met een afvaardiging van burgemeesters en vertegenwoordigers van gemeenten aanwezig zijn.

Miljoen euro voor ontwikkeling ‘s werelds eerste drone met robotarm

Hogeschool Saxion ontvangt €1 miljoen voor het MARS4Earth project vanuit de regeling RAAK-PRO en het bedrijfsleven voor de ontwikkeling van ’s werelds eerste autonome en modulaire vliegende drone met robotarm die fysiek kan interacteren met de buitenomgeving.

Dronetechnologie beperkt zich tot nu toe tot ‘ogen en neuzen in de lucht’. Vanuit diverse domeinen in de maatschappij is behoefte aan verdere toepassingen. Het project MARS4Earth onderzoekt de mogelijkheden naar de eerste toepassing waarin drones ook de functie ‘armen en handen in de lucht’ kunnen vervullen. De toepassingsgebieden waar het project zich op focust zijn ‘veiligheid & beveiliging’, ‘inspectie & onderhoud’ en ‘landbouw’.

 

Workshop

De nieuwe dronetechnologie kan bijdragen aan de veiligheid, efficiëntie en kosteneffectiviteit bij onder andere brandbestrijding, het onderhoud van offshore windmolens of selectieve behandeling van landbouw. Saxion roept het bedrijfsleven op mee te denken in toepassingen van de drone met robotarm om het subsidiegeld zo goed mogelijk te besteden. Meedenken kan door de workshop ‘Vliegende Hand’ bij te wonen op 25 november in het nieuwe lab van het lectoraat Mechatronica te Enschede. Aanmelden kan via www.saxion.nl/events/2019/november/mars4earth.

Tijdens de workshop op maandag 25 november kunnen bedrijven en organisaties input leveren aan de exacte invulling van het project MARS4Earth, om de toegevoegde waarde voor de samenleving zo optimaal mogelijk in te vullen. Welke toepassingen ziet het bedrijfsleven voor de domeinen veiligheid, inspectie & onderhoud en landbouw?

Naast de workshop krijgen bezoekers een aantal demonstraties van dronetechnologieën te zien en ontvangen een rondleiding door het nieuwe lab van het lectoraat Mechatronica.

 

 

Over MARS4Earth

Het consortium van het project Mars4Earth zet de nieuwste wetenschappelijke inzichten Research in die de interactie-technologie van de drone met robotarm mogelijk maakt. De partners uit de diverse domeinen zijn:

  • Energie: Groningen Seaports, Field Lab Zephyros, AmperaPark
  • Landbouw: Drone4Agro, Wageningen University & Research
  • Veiligheid: Brandweer Twente, DronExperts
  • Overkoepelend onderzoek: Hogeschool Saxion, NHL-Stenden,Universiteit Twente, Wageningen University & Reserach en Fieldlabs
  • TValley en Space 53

 

RAAK-PRO heeft €700.000 aan financiering toegekend aan het MARS4Earth project; de consortiumpartners dragen gezamenlijk €300.000 bij.

 

Over RAAK-PRO

Met RAAK-PRO bevordert Regieorgaan SIA, onderdeel van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), de kwaliteit van praktijkgericht onderzoek aan hogescholen. De regeling richt zich op het versterken van de onderzoekscapaciteit van betrokken lectoraten, altijd in nauwe samenwerking met het nationale kennisnetwerk en de beroepspraktijk.

 

 

 

Nederland verdubbelt investeringen in innovatie

Bedrijven, kennisinstellingen en overheden gaan in 2020 gezamenlijk voor 4,9 miljard euro investeren in het vernieuwde topsectoren- en innovatiebeleid van het kabinet. Daarvan komt 2,05 miljard van bedrijven en 2,85 miljard uit publieke middelen. Dit is een verdubbeling ten opzichte van dit jaar. Dat staat in het kennis- en innovatieconvenant 2020-2023 (KIC), dat vandaag door staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat) naar de Tweede Kamer is gestuurd. Staatssecretaris Keijzer presenteerde het KIC bij het bedrijf Airborne in Den Haag, samen met minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap).

Staatssecretaris Mona Keijzer (EZK): “Het KIC laat zien dat meer dan 2.200 bedrijven, kennisinstellingen en overheden samen gaan investeren in Nederlandse innovatie. Alle partijen die nodig zijn voor innovatie zijn aangesloten: van onderzoekers tot ondernemers die deze innovaties ontwikkelen, en van investeerders tot overheden, die hen daarbij ondersteunen. We hebben jaarlijks 5 miljard euro tot 2023 om met slimme technologieën grote maatschappelijke uitdagingen aan te pakken: Nederlandse oplossingen voor internationale, maatschappelijke uitdagingen. Zo werken we aan het veiligstellen van onze banen en inkomsten in de toekomst.”

Kijk hier de video

Nieuwe partners 
Ten opzichte van 2019 sluit een groot aantal nieuwe partners bij het KIC aan: diverse andere ministeries, provincies, regionale ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s), kennisinstellingen, universiteiten en hogescholen. Het KIC brengt hun investeringen in innovatie samen onder het nieuwe topsectoren- en innovatiebeleid. Dat beleid gaat uit van de economische kansen van maatschappelijke uitdagingen (energietransitie & duurzaamheid; landbouw, water & voedsel; gezondheid & zorg; veiligheid), sleuteltechnologieën (zoals AI, fotonica, nano en quantum) en het economisch verdienvermogen.

Veel nieuwe partners zijn meer regionaal georiënteerd en maken het daarom makkelijker voor het mkb om aan te sluiten bij onderzoek en ontwikkeling. Het mkb is onmisbaar in het innovatieproces: zij zorgen ervoor dat onderzoek zijn toepassing vindt in concrete producten en diensten.

Sleuteltechnologieën
Bovengenoemde sleuteltechnologieën vormen een apart thema binnen het KIC. De verwachting is dat de totale investering in deze veelbelovende technologieën voor 2020 zal uitkomen rond de 1 miljard euro. Dit bedrag biedt mogelijkheden voor het invullen van de al gepresenteerde Nationale Agenda’s voor AI, quantum, fotonica, composieten en nanotechnologie, en ook voor andere initiatieven die onder sleuteltechnologieën vallen (bijvoorbeeld batterijtechnologie). Hoe het bedrag voor sleuteltechnologieën precies verdeeld wordt, ligt aan de behoefte van bedrijven en de kansen die onderzoekers zien. Dat zal in de loop van het komende jaar duidelijk worden.

Xerox wil HP inlijven

Xerox is van plan om HP Inc. over te nemen. Het was al een gerucht en is nu bevestigd door HP. Een overname zou van de combinatie de grootste fabrikant van kantoorapparatuur maken.

De twee techbedrijven spraken eerder over een samenvoeging van activiteiten. Die gesprekken leidden nu tot een concreet bod van Xerox, zo meldt HP in een verklaring. De pc- en printerfabrikant neemt het bod in overweging en houdt daarbij de belangen van zijn aandeelhouders in de gaten. HP is de tweede grootste producent van pc’s, na Lenovo.

Afgelopen week meldde de Wall Street Journal dat Xerox een miljardenbod op HP overweegt. Het zou gaan om een bod van 27 miljard dollar. De deal zou leiden tot een jaarlijkse besparing van 2 miljard dollar. HP worstelt al een tijdje en heeft recent een nieuwe CEO benoemt en een reorganisatieplan aangekondigd waarbij 16 procent van het personeel weg zou moeten.

Volgens de krant is de dealnog niet in kannen en kruiken. Het grootste struikelblok zou de financiering zijn. HP is qua marktwaarde enkele malen groter als Xerox

Xerox blies vorig jaar een beoogde fusie met zijn Japanse concurrent Fujifilm op het laatste moment af. Dit zette kwaad bloed bij de Japanners, die een claim van een miljard dollar bij de Amerikanen neerlegden. Deze claim komt waarschijnlijk te vervallen, nu Fujifilm heeft besloten Xerox voor 2,3 miljard dollar te willen uitkopen uit hun joint venture Fuji Xerox. Het geld dat Xerox hiermee binnenhaalt, zou het bedrijf kunnen toevoegen aan de overnamepot voor HP.

Gartner: ‘Generatie Z vereist andere managementstijl dan millennials’

Generatie Z wordt vaak door managers verkeerd begrepen en benaderd. In veel gevallen wordt deze generatie door managers op dezelfde wijze behandeld als millenials (generatie Y). Generatie Z ligt in de praktijk echter dichter bij babyboomers en generatie X dan generatie Y. Indien correct begrijpen, kan generatie Z een grotere bijdrage leveren aan het versnellen van digitale transformaties dan millennials.

Dit blijkt uit het rapport 'Gen Z: How to Lead These Natural Digital Connectors' van Gartner. Het onderzoeksbureau hanteert in het rapport de volgende definities voor de verschillende generatie werknemers:

• Babyboomers: geboren tussen 1945 en 1964
• Generatie X: geboren tussen 1965 en 1979
• Generatie Y (millennials): geboren tussen 1980 en 1994
• Generatie Z (centennials): geboren tussen 1995 en 2010

Weinig gemeen met millennials
"Ondanks dat zij de 'post-millennium generatie' worden genoemd, heeft generatie Z weinig gemeen met millennials. CIO's kunnen hen dan ook niet op dezelfde wijze leiden", licht Daniel Sanchez Reina, senior research director bij Gartner, toe.

Zo hoeft generatie Z niet getraind te worden om digitaal te denken en zijn zij het best gepositioneerd om te anticiperen op de behoeften van onderdelen van en consumenten in een digitale maatschappij. "Zij zijn goed gepositioneerd om de potentiële waarde van opkomende digitale producten en diensten te beoordelen."

Generatie Z leren leiden
Gartner voorspelt dat generatie Z tot 2025 van alle generaties het beste in staat is te anticiperen op de digitale mogelijkheden waaraan de hedendaagse digitale maatschappij waarde hecht. "In hun zoektocht naar digitaal talent moeten CIO's leren de cultuur en mensen van generatie Z te leiden", stelt Sanchez Reina. "CIO's moeten deze generatie leren kennen en zowel hun waarden als relatiepatronen op de werkvloer begrijpen. Zij moeten daarnaast erkennen deze groep anders te moeten managen dan eerdere generaties om een coherente werkplek te faciliteren."

In het onderzoek wijzen verschillende sommige C-level managers op verschillen in de werkwijze van generatie Z. Zo meldt een CIO van een Europese bank dat deze generatie openlijk vragen stelt - bijvoorbeeld over wat zij gaan leren van een leidinggevende - en directer zijn dan eerdere generaties. Een Chief Human Resource Officer (CHRO) van een telecombedrijf noemt generatie Z een '100% technologische generatie met oneindig vertrouwen in hun eigen vermogen'. Ook meldt de manager dat deze generatie zelfstandig is, bereid hard te werken, assertief en aanzienlijk veeleisender.

Generatie Z beschikt bij voorkeur over een eigen werkplek, in plaats van deze te delen met anderen. De intieme relatie die de generatie heeft met hun apparaten maakt hen minder sociaal dan millennials.

Welke waarde lever ik?
Ook wil generatie Z zodra zij aan de slag gaan bij voorkeur direct weten welke bijdragen zij leveren aan de organisatie. Zij willen direct waarde toevoegen en een verschil maken. De generatie hecht grote waarde aan hun tijd en willen vooraf weten hoe het investeren van hun tijd beloond wordt. Dit in tegenstelling tot millennials, die ervan uitgaan beloond te zullen worden of hun salaris op zijn minst te zullen zien stijgen indien zij blijven werken. Generatie Z is pragmatisch en wil bewust gemaakt worden van specifieke regelingen op het gebied van bijvoorbeeld zorg en pensioen. De generatie lijkt wat dit betreft meer op generatie X en babyboomers, stelt Gartner.

Generatie Z plant zijn carrière vaak al in een zeer vroegtijdig stadium. Ook investeren zij tijd in zaken die hen helpen vaardigheden te ontwikkelen en hun visie op hun loopbaan aan te vullen. In tegenstelling tot millennials en ondanks hun hoge ambities voor persoonlijke groei zijn centennials echter geen jobhoppers; zij zijn juist functiehoppers en natuurlijke entrepreneurs. "Zij geven voorkeur aan het ontwikkelen van vaardigheden, verwelkomen extra training en zijn eerder geneigd bij één bedrijf een carrière te bouwen, in plaats van werkgever naar werkgever te gaan", zegt Sanchez Reina.

Generatie Z wil veelzijdig zijn
Waar millennials zich bij voorkeur ontwikkelen tot specialisten, wil generatie Z juist veelzijdiger zijn. Gartner adviseert CIO's hierop in te spelen door hen aan te moedigen carrièreopties te verkennen die verder gaan dan traditionele opties. "CIO's moeten zich ontwikkelen tot mentoren die praktische vaardigheden kunnen aanleren en gedrag kunnen demonstreren, in plaats van coaches die het potentieel van mensen zichtbaar maken door actief naar hen te luisteren en de juiste vragen te stellen", besluit Sanchez Reina. "Millennials geven de voorkeur aan een coach, terwijl generatie Z juist erkend en beloond wil worden voor hun kennis in plaats van potentieel."

Meer informatie is te vinden in het rapport 'Gen Z: How to Lead These Natural Digital Connectors', dat beschikbaar is voor klanten van Gartner.

VPN verdwijnt als losstaande dienst

Ondanks dat de vraag naar VPN diensten onverminderd hoog is, is de verwachting dat deze diensten als los product de komende jaren zullen verdwijnen en zal worden overgenomen door de aanbieders van security software. Dat verwacht vergelijkingssite VPNtotaal.nl.

Met een VPN verbinding schermen gebruikers hun internet gedrag af om hiermee de privacy te vergroten en tevens geo-blokkades te omzeilen. Er is een ruime keuze als het op VPN diensten aankomt. Aanbieders variëren van grote internationale partijen met meer dan 10 miljoen gebruikers en duizenden servers wereldwijd tot diverse kleine lokale aanbieders met een handjevol servers.

Bij het kiezen tussen deze aanbieders is vertrouwen een grote factor. Als het gaat om het vergroten van je digitale veiligheid en anonimiteit kies je enkel een bedrijf dat je vertrouwt. Precies op dat punt hebben de gevestigde beveiligingsbedrijven een streepje voor op de nieuwe VPN diensten.

De trend van 2019 is namelijk dat de grote beveiligingsbedrijven zoals bijvoorbeeld Norton een VPN verbinding aanbieden in hun antivirus software. Daarmee wordt de VPN verbinding een onderdeel van de beveiligingssoftware net zoals de firewall dat is. Het grote voordeel is dat de consument antivirus bedrijven zoals Norton en McAfee reeds vertrouwt en op deze manier ook een abonnement minder hoeft te nemen.

Waar Norton de VPN nu al standaard aanbiedt in alle abonnementen is dit bij andere antivirus bedrijven nog vaak bij duurdere abonnementen inbegrepen of verkrijgbaar als een extra.

Overzicht van antivirus software inclusief VPN:
Norton 360: Inbegrepen in alle abonnementen
BitDefender: Inbegrepen vanaf Premium abonnement
AVG: Losstaande dienst
Panda Security: Inbegrepen vanaf Premium abonnement
McAfee: Losstaande dienst
Avast: Inbegrepen vanaf Ultimate abonnement
Gelet op de grote concurrentie onder antivirus bedrijven en het gemak waarmee zij de VPN kunnen toevoegen aan hun software is dit een slimme extra functionaliteit die gebruikers direct ten goede komt. Consumenten kunnen zo laagdrempeliger gebruik maken van een beveiligde verbinding en zijn op termijn goedkoper uit.

Een mogelijk nadeel is dat de precieze specificaties van de VPN diensten naar de achtergrond verdwijnen. Aangezien VPN voor bedrijven zoals Norton en BitDefender een kleine extra functionaliteit is geven zij ook relatief weinig informatie over bijvoorbeeld het aantal VPN servers en hun log beleid. Daarmee richten zij zich meer op de algemene consument en (nog) niet zozeer op de technisch onderlegde gebruikers. Voor gebruikers op zoek naar nadere details zijn VPN vergelijkers zoals VPNtotaal.nl nog steeds een goede start.

Meeste leidinggevenden vinden smartphone slecht voor productiviteit

In plaats van dat een smartphone ons werk sneller en gemakkelijker maakt, denkt maar liefst 65 procent van de leidinggevenden dat het apparaat juist ten koste gaat van de productiviteit. Dit uit blijkt onderzoek van Protime, specialist in Workforce Management, onder ruim 1.000 leidinggevenden bij bedrijven met 26 of meer werknemers. Ruim dertig procent van de ondervraagden wil het appen op het werk het liefst wil verbieden. 

Werknemers zonder smartphone zijn er bijna niet meer. Sommigen hebben hem nodig voor hun werk, anderen gebruiken hem alleen privé. De scheiding tussen werk en privé is door de komst van de smartphone echter niet meer zo helder als voorheen; een werkgever of leidinggevende die niet appt of mailt bestaat bijna niet meer. Zodoende ontbreekt de smartphone op bijna geen enkele werkplek. Toch denkt 65 procent dat een smartphone slecht is voor de productiviteit. Met name in de bouw (78 procent) en bij financiële instellingen (77 procent) is men ervan overtuigd dat een smartphone een productiviteits-killer is. In de publieke sector is men het minst negatief met 53 procent.

Wel of geen kortere werkweek
Maar liefst 35 procent van de respondenten gelooft niet in een kortere werkweek en -dag. Een werkdag van zes uur, waarover de laatste tijd veel stemmen opgaan, is volgens hen niet even productief als de traditionele werkdag van acht uur en een werkweek van 40 uur. Opmerkelijk is dat er nauwelijks onderscheid is tussen de parttime leidinggevenden (12-35 uur) en de leidinggevende die fulltime (35+ uur) werken. In beide groepen vindt rond de 35 procent een kortere werkweek niet even productief als een fulltime werkweek.

Lucas Polman, directeur Protime Nederland: “De manier waarop we naar het werk kijken verandert voortdurend. De tijd dat vijftig uur werken normaal was, behoort tot het verleden. Een smartphone is niet meer weg te denken uit onze dagelijkse bezigheden. Het draait allemaal om balans; over hoe men zijn tijd indeelt. Daarbij is het de zaakvan de werkgever of leidinggevende de meest kostbare handelswaar van de werknemer, zijn tijd, optimaal tot zijn recht te laten komen, zowel op het werk als in zijn vrije tijd.”