Tag: AI

TNO schrijft agenda voor AI in mobiliteit en transport

TNO schreef in opdracht van TKI Dinalog het position paper 'Artificiële Intelligentie in Mobiliteit en Transport'. Het document is door Albert Veenstra, directeur van TKI Dinalog, aangeboden aan de Nederlandse AI Coalitie als agenda voor Nederland op het gebied van Mobiliteit en Transport.

De complexiteit en limieten van transport en mobiliteit worden vandaag de dag feilloos blootgelegd. Conventionele werkwijzen schieten inmiddels vaak tekort, maar Artificiële Intelligentie (AI) biedt de mogelijkheid om hiermee wel om te gaan en oplossingen te bieden.

Dichtbevolkte steden, een infrastructuur die zucht onder congestie, de noodzaak tot vergaande reducties in schadelijke emissies, maar ook onverwachte urgenties in logistieke ketens en mobiliteit zoals nu het Corona-virus. Het zijn allemaal problemen voor de mobiliteit en transportsector.

Artificiële Intelligentie

Artificiële Intelligentie bestaat uit adaptieve systemen die intelligent gedrag vertonen dat doorgaans voorbehouden is aan de mens. Dat wil zeggen: systemen die hun toestand en omgeving kunnen waarnemen en reconstrueren (sensing), kunnen analyseren en voorspellen (thinking) en met een zekere vorm van autonomie (zelfstandig) beslissingen kunnen nemen, adviezen kunnen geven of daadwerkelijk actie ondernemen (acting).

Leren uit data

Een elementair aspect voor AI is leren uit data. Voor de complexe mobiliteit- en transportsystemen is gebruik maken van grote hoeveelheden beschikbare data voor AI-toepassingen ook cruciaal. Dit maakt het mogelijk om de best mogelijke beslissingen te identificeren en te implementeren op systeemniveau. Vanuit een AI-perspectief is mobiliteit en transport op te delen in twee niveaus. Enerzijds personen en objecten, zoals verkeersdeelnemers, voertuigen, lading en infrastructuur. Anderzijds systemen en processen, zoals bevoorradingsketens, verkeerscentrales, verkeer, beleid en regelgeving.

Kansen voor AI in mobiliteit en transport

“In potentie kan AI bijdragen aan de ontwikkeling van een geïntegreerd mobiliteits- en transportsysteem dat met nieuwe technologie zowel onze economische positie versterkt als onze sociaal-maatschappelijke context verbetert", aldus logistiek consultant Christian van Ommeren van TNO. "Veelbelovende toepassingsgebieden voor een veiliger, duurzamer en efficiënter systeem zijn onder andere zelfrijdende voertuigen, slim elektrisch laden, predictief onderhoud, zelflerende energie en emissie management, coöperatieve mobiliteit, deelmobiliteit en zelforganiserende logistiek.”

“Nu is het zaak om als sector hier gezamenlijk in op te trekken in publiek-private samenwerking. Met deze position paper met strategische lijnen leveren wij een bijdrage aan de AI Coalitie", zegt directeur Albert Veenstra van TKI Dinalog. "Een werkgroep kan nu concrete doelstellingen formuleren en deelgebieden identificeren en prioriteren waar we AI gedreven innovatie als eerste gaan versnellen. En passant kan AI zo uitstekend bijdragen aan het integreren van de op dit moment vaak geïsoleerde activiteiten van personenvervoer, logistiek en verkeersmanagement.”

Bron: TNO

Nokia lanceert AI en machine learning voor operators

Nokia heeft een portfolio met AI-as-a-service aangekondigd. De dienstverlening heet Nokia AVA 5G Cognitive Operations en is een raamwerk van oplossingen op basis van AI, automatisering en de schaalbaarheid van de cloud waarmee operators in staat zijn hun infrastructuur, diensten en business te transformeren.

De oplossing biedt telco’s inzichten die hen kunnen helpen bij het maken van segmenten en om te voldoen aan SLA's. Met de introductie van 5G en de enorme groei van IoT-apparaten staan operators volgens Nokia voor de uitdaging om de steeds groter wordende complexiteit in hun infrastructuur te beheren door zaken als virtualisatie en netwerk-slicing. De traditionele benadering van netwerk- en servicemanagement zijn in de optiek van de Finse netwerkleverancier niet duurzaam en vragen dus om de inzet van AI en automatisering.

Servicemodel

Nokia AVA 5G Cognitive Operations is een AI-as-a-service-aanbod gebaseerd op Nokia’s ervaring met onder meer data, machine learning en telco- en clouddiensten in combinatie met AI. De oplossing anticipeert op netwerk- en servicestoringen en kan die naar eigen zeggen heel nauwkeurigheid tot zeven dagen van tevoren aangeven. Als er storingen optreden, kan Nokia 5G Cognitive Operations ze tot 50 procent sneller oplossen en is het mogelijk de impact op klanten en diensten preciezer te beoordelen, stelt het bedrijf.

Nokia meldt dat netwerkproblemen sneller kunnen worden opgelost zonder dat ze invloed hebben op de klanten en bedrijfsapplicaties van operators door preventieve, geautomatiseerde acties te ondernemen. Alle telco’s die de nieuwe dienst al hebben uitgetest, zien volgens Nokia een vermindering van 20 procent in klachten van klanten en een vermindering van 10 procent in dure bezoeken aan locaties in het netwerk.

Beschikbaarheid

Nokia AVA 5G Cognitive Operations is ontwikkeld op cloudtechnologie van Microsoft Azure en kan worden aangeboden als publieke of private cloud. Het as-a-service-model betekent dat de kosten voor operators vooraf worden geminimaliseerd. Een groot deel van deze oplossing is al verkrijgbaar en is naar verwachting volledig beschikbaar in het tweede kwartaal van 2020.

Nederlanders verdeeld over AI en ADM

Nederlanders maken zich over het algemeen zorgen over de risico’s van geautomatiseerde besluitvorming, maar hebben verdeelde meningen over hoe eerlijk en nuttig ADM voor de samenleving kan zijn. Dit blijkt uit onderzoek door wetenschappers van de Universiteit van Amsterdam naar het vertrouwen van Nederlanders in nieuwe technologieën zoals AI en geautomatiseerde besluitvorming (ADM). Gevraagd naar de toepassing in specifieke sectoren, staat ADM echter op gelijke voet met of wordt beter beoordeeld dan menselijke experts.

Ook in Nederland wordt besluitvorming steeds meer geregeld via geautomatiseerde processen. Dit kan door de grote hoeveelheden data die beschikbaar is en dankzij de technische ontwikkeling van AI. Technologieën als big data, machine learning en AI doorlopen volgens de UvA vaak een 'traject van angst naar hype'. Tegelijkertijd worden ze als onpartijdig en objectief neergezet in hun gebruik in het dagelijks leven. Dit kan leiden tot allerlei verwachtingen over de objectiviteit en eerlijkheid van een machine. Eerdere studies tonen aan dat mensen de neiging hebben om een ​​expertsysteem als objectiever en rationeler te zien dan een menselijke adviseur. Dit is vaak gebaseerd op de veronderstelling dat voor bepaalde taken statistische methoden het menselijke oordeel overtreffen.

Oordeel Nederlanders

Wetenschappers van de UvA onderzochten hoe de Nederlandse bevolking denkt over AI en geautomatiseerde besluitvorming en hoe dit samenhangt met persoonlijke kenmerken zoals opleiding en leeftijd. Ze keken naar ons algemene beeld over ADM, maar vroegen ook naar de mening over de toepassing van ADM in specifieke maatschappelijke sectoren waar dit al vaak gebeurt zoals de (nieuws)media, de zorg en justitie.

Deze perceptie van ADM staat in contrast met de vaak kritische en pessimistische toon in mediaberichten en academische literatuur, schrijft het nieuwsbericht over het onderzoek. Daarin overheersen volgens de UvA-onderzoekers eerder de angst voor vooringenomenheid, verlies van menselijke waardigheid en autonomie en algemene zorgen over 'AI-overname' ter vervanging van menselijke experts.

De onderzoekers zien een spagaat. “Het is belangrijk te benadrukken dat publieke opvattingen over het potentiële nut en rechtvaardigheid van ADM niet hetzelfde zijn als maatschappelijke en individuele acceptatie van daadwerkelijk geautomatiseerde beslissingen”, aldus het onderzoek. “We moeten nog beter te weten komen of en onder welke voorwaarden mensen ADM-beslissingen niet alleen eerlijker ervaren, maar ook bereid zijn een geautomatiseerde beslissing te accepteren.”

Meningen over ADM

UvA-wetenschappers hebben onder bijna 1.000 Nederlanders een representatieve steekproef uitgevoerd over het nut, de rechtvaardigheid en het risico van geautomatiseerde besluitvorming door AI. De onderzoekers stelden daarbij verschillende scenario’s voor: van een lage impact zoals het geven van nieuws of fitnessaanbevelingen, tot een hoge impact zoals strafrechtelijke veroordeling of het nemen van beslissingen rond behandelingen van ziektes.

De respondenten zijn verdeeld in hun beeld over ADM als algemene maatschappelijke ontwikkeling. Maar over specifieke toepassingen van ADM zitten ze bij de scenario’s met een hoge impact, zoals rechtspraak, op één lijn. En die is niet per se ten gunste van de menselijke experts. Voor de scenario’s met een lage impact, zoals nieuwsaanbevelingen, zagen de onderzoekers geen deze significante verschillen.

Verklaringen

Volgens de onderzoekers verklaren persoonlijke kenmerken (deels) de verdeeldheid bij het algemene beeld over ADM, waaronder:

  • Het kennisniveau: meer kennis leidt tot hogere verwachtingen van en optimisme over het nut van ADM
  • De mate van online effectiviteit (het zelf kunnen beschermen van online privacy): groter vertrouwen in de eigen online effectiviteit leidt tot meer vertrouwen in de rechtvaardigheid en het nut van ADM en tot een verminderd geloof in risico’s
  • Leeftijd: hoe ouder hoe minder nuttig ADM wordt geacht en hoe meer risico’s worden gezien
  • Geslacht: mannen vinden ADM nuttiger dan vrouwen
  • Idealen: mensen die economische gelijkheid als ideaal hebben, zijn optimistischer over de rechtvaardigheid en het nut van ADM.

MKB-Nederland: ‘Overheid moet meer investeren in AI’

Nederland moet een significante speler zijn in de toepassing en ontwikkeling van AI, vinden MKB-Nederland en VNO-NCW. In een brief aan de Tweede Kamer schrijven de werkgeversorganisaties dat meer investeringen en specifieke beleidsacties nodig zijn om de maatschappelijke en economische vruchten plukken van deze technologie.

MKB-Nederland en VNO-NCW vragen het kabinet om substantieel meer te investeren in sleuteltechnologieën, met name in kunstmatige intelligentie. “Er is een forse mismatch tussen de investeringsbereidheid van het bedrijfsleven (ruim een half miljard) tegenover amper 100 miljoen euro (publieke middelen)”, aldus de verenigingen. MKB-Nederland en VNO-NCW pleiten voor het vergroten van kwalitatieve data, waar bedrijven en kennisinstellingen gebruik van kunnen maken omdat ‘kunstmatige intelligentie vaart op data’. Er moeten bruikbare standaarden en kaders komen om het vrijwillige datadelen te bevorderen.

Studeren

Ook is het volgens MKB-Nederland en VNO-NCW belangrijk dat meer studenten kiezen voor een studie op het gebied van kunstmatige intelligentie. “Momenteel hebben de opleidingen numerus fixi en dit is onwenselijk. Diverse bedrijven hebben de handschoen opgepakt maar ook vanuit de overheid moet er dringend actief beleid gevoerd worden”, vinden MKB-Nederland en VNO-NCW.

Regulering

Als derde punt vinden de ondernemersorganisaties dat er nationaal geen rem komt op de ontwikkeling van AI door overmatige regulering. Het kennisniveau van bestaande toezichthouders moet volgens de verenigingen omhoog, zodat zij effectief toezicht kunnen houden op algoritmen. Ook moet nationale wetgeving in lijn zijn met de voorstellen van de Europese Commissie, zodat er één 'raamwerk' komt op Europees niveau.

Docu over Artificial Intelligence bij VPRO Tegenlicht

Recente doorbraken in Artificial Intelligence maken dat software niet langer wordt geschreven, maar door middel van testen wordt opgevoed. Kunstmatige neurale netwerken leren complexe taken beheersen. NPO2 zendt de interessante documentaire ‘Mens in de machine’ uit over hoe we om moeten gaan met deze alsmaar slimmer en groter wordende intelligentie-rivalen.

De snelle ontwikkeling van kunstmatige intelligentie roept angst op. Zelfrijdende auto’s die hun eigen passagiers doden of slimme speakers die het huishouden overnemen. Het probleem met het beheersen van kunstmatige intelligentie ontstaat wanneer een slimme machine een opdracht krijgt. Niet omdat de machine niet goed werkt, maar omdat wij erg slecht kunnen omschrijven wat we precies willen. Zonder zoiets als een ‘gezond verstand’ kan een superslimme machine een simpele opdracht al snel mis interpreteren met catastrofale gevolgen. Hoe zorgen we ervoor dat deze machines gaan leren begrijpen wie wij zijn, wat onze menselijke normen en waarden zijn en daarmee gaan bijdragen aan een samenleving zoals wij die voor ogen hebben?

De documentaire van VPRO Tegenlicht ‘Mens in de machine’ wordt op zondag 21 oktober om 21.05 uur uitgezonden op NPO 2.

Voor meer informatie zie vpro.nl/tegenlicht

‘Driekwart Nederlandse bedrijven zet al machine learning in’

Vergeleken met hun Europese concurrenten hebben Nederlandse bedrijven een lichte voorsprong op het gebied van artificial intelligence (AI). Dat blijkt uit het onderzoek ‘Artificial Intelligence in Europe’, dat in opdracht van Microsoft is uitgevoerd door EY en deze maand is gepubliceerd.

EY ondervroeg 277 organisaties in vijftien Europese landen in verschillende sectoren, waaronder life sciences, finance, services, retail, media/entertainment & telecom (TMT) en technologie. Nederlandse participanten waren onder meer Randstad, Royal Schiphol Group en VodafoneZiggo.

Uit het onderzoek blijkt dat machine learning de meest gebruikte AI-technologie is in Europa (78 procent). In Nederland gebruikt driekwart van de ondervraagde organisaties deze technologie. Ook is er brede adoptie van neurale netwerken en deep learning in Nederland (65 procent versus 39 procent als Europees gemiddelde).

Investeringen in AI

In de afgelopen jaren is er flink geïnvesteerd in AI in de vijftien onderzochte landen. Het gaat om een bedrag van ruim negen miljard euro. De meeste investeringen kwamen voor rekening van de finance-sector, gevolgd door media/entertainment & telecom. Startups op het gebied van AI zijn vooral te vinden in het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland. 87 procent van alle investeringen in AI-bedrijven vond plaats in die landen. In Nederland werd in de afgelopen tien jaar rond de 40 miljoen euro geïnvesteerd in AI-startups.

Strategische agenda

Uit het onderzoek blijkt verder dat het onderwerp in Nederland iets vaker bij het C-levelmanagement op de agenda staat dan in andere landen. In Nederland noemt 45 procent van de respondenten AI belangrijk op C-level (bij een gemiddelde van 39 procent in heel Europa). 75 procent noemt AI belangrijk op het uitvoerende niveau (tegen een Europees gemiddelde van 72 procent). Het valt op dat veel Nederlandse respondenten van mening zijn dat AI ook een belangrijk onderwerp is voor medewerkers zonder leidinggevende taken (40 procent tegen een Europees gemiddelde van 28 procent). Daarnaast liggen de verwachtingen op het gebied van AI in Nederland hoger dan gemiddeld in Europa.

Fase van volwassenheid

Nederland behoort tot de landen met de hoogste fase van volwassenheid op het gebied van AI-projecten. Meer dan een derde (37 procent) van de organisaties werkt aan AI-initiatieven die daadwerkelijk in productie zijn genomen of zich in een geavanceerde fase bevinden. In het geval van dat laatste draagt AI actief bij aan verschillende processen binnen de organisatie. Voorbeelden daarvan zijn de inzet van machine learning om producten en diensten te verbeteren, fotoherkenningsmodellen om claimanalyses efficiënter te maken, of predictive maintenance van producten. Van de overige Nederlandse bedrijven bevindt 45 procent zich in de vroege fase van een pilotproject en maakt 9 procent momenteel plannen om aan de slag te gaan met AI.

Een voorbeeld van een bedrijf dat AI op een geavanceerde wijze toepast is Shell. Shell is begonnen aan de uitrol van AI op zijn tankstations. Dankzij de technologie is het mogelijk om brand- en explosiegevaar als gevolg van foutief menselijk handelen te herkennen en zo dus de veiligheid te verhogen.

AI gedijt goed bij samenwerking

“Het onderzoek laat zien dat Nederland er momenteel goed voor staat op het gebied van AI”, zegt Surya Ramkumar, Directeur Services bij Microsoft Nederland. “Maar we kunnen deze voorsprong alleen vasthouden als we nu doorpakken en verder gaan dan alleen pilots. Daarbij is het in de eerste plaats nodig om de medewerkers centraal te plaatsen binnen AI-initiatieven. Bedrijven die ver zijn met AI zetten hun medewerkers goed in hun kracht, onder andere door projecten op te zetten tussen verschillende afdelingen die de samenwerking tussen collega’s bevordert en hun creativiteit aanspreekt. Het gaat erom een cultuur te creëren waarin AI succesvol inzetbaar is in het voordeel van alle medewerkers.”

Ramkumar wijst erop dat AI goed gedijt wanneer bedrijven samenwerken met derden. “Het onderzoek laat zien dat Nederlandse bedrijven de waarde van samenwerking met anderen – bedrijven, onderzoeksinstituten en overheid – meer erkennen dan hun Europese collega’s. Dat is een goede zaak, want voor het benutten van het volle potentieel van AI is samenwerking binnen ecosystemen van groot belang.”

Het volledige rapport van EY is hier te downloaden.

Krimpen eerste Nederlandse gemeente in United Smart Cities

Als eerste Nederlandse gemeente is Krimpen aan den IJssel onderdeel geworden van United Smart Cities, een wereldwijd programma van de Europese Economische Commissie van de Verenigde Naties (Unece) en de Organisatie voor Internationale Economische Betrekkingen (OiER). De strategische tafel Smart Cities van BTG, vorige week in het gemeentehuis van Krimpen aan den IJssel, vormde hiervoor de aftrap.

United Smart Cities is een platform dat het gebruik van ICT bij steden wil stimuleren om met de inzet van technologie de transitie te maken naar slimme en duurzame steden. Branchevereniging BTG is aanjager van het programma in Nederland en in gesprek met het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, met de RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) en VNG over de wijze waarop Nederlandse gemeenten en bedrijven worden betrokken bij dit programma. Het platform, opgericht in 2016, focust onder meer op applicaties voor ‘city science’ en de toepassing van IoT, AI, cognitive computing, dataprocessing en blockchain in steden. Naast de gemeente Krimpen aan den IJssel is BTG in gesprek over het programma met de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Eindhoven, ’s-Hertogenbosch en Den Haag.

In Computable spreekt burgemeester Vroom van Krimpen over het aansluiten van zijn gemeente bij het programma: “Ongeveer een jaar geleden ben ik benaderd door het Join Smart Cities project. Dat is een project waarmee inwoners, ondernemers en overheden met elkaar verbonden worden. Het doel van de Verenigde Naties, die dit project geïnitieerd hebben, is om uiteindelijk de hele wereld met elkaar in verbinding te brengen. Startend op microniveau van de straat naar de buurt, de wijk, het dorp, de gemeente, de provincie, het land, Europa en uiteindelijk de wereld. Dit past volledig in de dienstverleningsvisie van de gemeente Krimpen aan den IJssel. Via dit project, waarmee we komend jaar gaan beginnen, zijn we benaderd door USC. En omdat wij al een eind op streek waren, hebben we nu de Nederlandse primeur.”

Wat voor data wordt vanuit Krimpen gedeeld en onderzocht?
“We gaan als eerste Nederlandse gemeente een soort audit doormaken op honderden kpi’s. Hoeveel mensen hebben toegang tot snel internet? Hoeveel mensen hebben toegang tot openbaar vervoer? Hoeveel mensen hebben schoon drinkwater? Noem maar op. Het zijn indicatoren die voor de hele wereld worden onderzocht, dus ook in plaatsen als Nairobi en Tokio.”

In hoeverre moet er bij het delen van de data met de VN rekening worden gehouden met de GDPR?
“De GDPR is niet van toepassing, omdat het om algemene gemeenschapscijfers gaat. Vrijwel allemaal staan ze al op een platform gepubliceerd, maar nog nergens ter wereld in één index. Het CBS heeft een groot deel van deze data, maar ook op sites als Waarstaatjegemeente.nl.”

Bron: Computable.nl

Nederlandse bedrijven lopen achter met Artificial Intelligence in klantenservice

Bedrijven in heel Europa zetten Artificial Intelligence in om hun klantenservice te veranderen. Reden hiervoor is dat AI-gestuurde ervaringen door steeds meer consumenten wordt geaccepteerd, zo blijkt uit onderzoek. Nederlandse bedrijven lopen echter achter bij andere Europese landen als het gaat om de toepassing van AI in klantenservice.

Het rapport “The AI revolution: creating a new customer service paradigm”, onderzoekt hoe AI zorgt voor een nieuwe manier van service delivery. Het onderzoek is uitgevoerd onder 770 senior IT-professionals, afkomstig uit tien Europese landen, die betrokken zijn bij de klantenservice.

Bijna een derde (30%) van de Europese bedrijven zet AI-technologieën in bij hun klantenservice. 72% van deze ondernemingen geeft aan al voordelen te ervaren, zoals een effectiever gebruik van werknemerstijd, een efficiëntere verwerking van veeleisende taken en het bieden van continue klantondersteuning. Van de Nederlandse respondenten geeft slechts 22% aan gebruik te maken van AI in de klantenservice.

Klantenserviceteams hebben moeite te voldoen aan klanteisen

Uit het onderzoek blijkt dat voor bedrijven 24/7 uur service en support bieden de belangrijkste uitdaging is. Klanten kunnen kiezen uit meerdere servicekanalen, maar verwachten wel op elk moment van de dag een reactie. Dit zorgt voor problemen bij organisaties:

•              De helft van de bedrijven in Europa is niet in staat om op elk moment van de dag te reageren op vragen. Nederland voert de lijst aan met 56% van de bedrijven dat aangeeft niet 24/7 op klantverzoeken te kunnen reageren.
•              40% van de organisaties heeft moeite om te voldoen aan de hogere eisen die gesteld worden aan de klantenservice.
•              37% heeft moeite met het efficiënt beantwoorden van terugkerende vragen.

AI verandert betrokkenheid klant

AI stelt organisaties in staat om meer te doen dan alleen het efficiënter behandelen van verzoeken, door in te spelen op klantbehoeften:

•              59% van de organisaties breidt het aantal verzoeken uit dat virtuele chat-assistenten en chatbots kunnen verwerken.
•              47% zegt dat AI de klantenservice efficiënter zal maken.
•              37% zegt dat AI kan worden ingezet voor het bieden van een betere service.

AI biedt meer mogelijkheden voor klantenservicemedewerkers

Omdat de adoptie van AI verder zal toenemen, wordt de rol van de menselijke eerstelijnsmedewerker alleen maar vergroot.

•              37% van de organisaties zegt dat AI kan worden gebruikt om een betere service te bieden met hetzelfde aantal medewerkers.
•              29% van de organisaties die AI-gebaseerde technologie gebruikt, is zich bewust van de noodzaak om de vaardigheden van klantenservicemedewerkers te verbeteren.

‘56,8% geen angst voor baanverlies door robotisering’

Ongeveer zes op de tien Nederlandse werknemers (56,8 procent) heeft geen angst voor baanverlies als gevolg van artificial intelligence (AI) en robotisering. Dit blijkt uit onderzoek van Indeed.

AI-gerelateerde banen nemen de afgelopen jaren een vlucht: sinds 2016 is in Nederland het aantal AI-gerelateerde vacatures op website Indeed met 207 procent gestegen. De interesse van werkzoekenden, dat wil zeggen het aantal clicks op die vacatures is in dezelfde periode met 261 procent gestegen. Toch zijn er nog steeds meer openstaande vacatures dan werkzoekenden en ook de komende jaren zal de vraag naar geschikte specialisten naar verwachting verder toenemen.

Sander Poos, Managing Director van Indeed Benelux: “Artificial Intelligence en robotisering zijn relevante onderwerpen met gevolgen voor werknemers in bijna elke branche. Uit het onderzoek blijkt dat er enthousiasme is onder werkzoekenden om zich tot robots te wenden om hun carrière voort te zetten – of het nu gaat om een loopbaanadvies of om het vinden van de juiste baan. Tegelijkertijd geeft AI-technologie recruiters de tijd en ruimte om menselijke verbindingen te leggen. Het helpt uiteindelijk de juiste functies te matchen met het juiste talent waar het Nederlandse bedrijfsleven zo hard naar op zoek is.”

Uit het onderzoek komt duidelijk naar voren dat veel respondenten positief zijn gestemd over de impact die AI zal hebben op hun eigen baan. Zo is 54,2 procent van mening dat zijn/haar werk efficiënter kan worden uitgevoerd, en 41,9 procent dat taken sneller worden volbracht door AI. Daarnaast denkt slechts 35,2 procent dat ze minder werk zullen hebben als gevolg van automatisering van werkprocessen.

Veranderen en aanpassen

Iets minder dan de helft van de respondenten (47,4 procent) geeft aan dat ze geloven dat AI in de toekomst invloed zal hebben op hoe ze hun werk uitvoeren. Daarbij gelooft een meerderheid van 66,4 procent dat AI de algemene arbeidsmarkt zal veranderen en banen zal creëren, waarvan we nog nooit gehoord hebben. Ook geloven respondenten dat AI de werkprocessen objectiever en eerlijker zal maken.

Menselijk handelen blijft een sleutelrol houden

Toch verwacht 47,1 procent van de respondenten wel dat een groot deel van de banen in de toekomst door robots overgenomen wordt. Een overgrote meerderheid van 92,5 procent is het er in ieder geval over eens dat technologie banen in de toekomst zal veranderen, maar 59,3 procent denkt dat dit alleen voor bepaalde sectoren zal gelden. De belangrijkste reden hiervoor is dat volgens veel respondenten (88,3 procent) menselijk handelen in veel sectoren een vereiste zal blijven. Dat geldt dan in het bijzonder voor banen waarin menselijke emotie, zoals zorgzaamheid en humor, een rol speelt: volgens 82,9 procent van de respondenten kunnen deze banen met geen mogelijkheid vervangen worden door robots.

Van de ondervraagden denkt 46,7 procent dat in de toekomst vooral productiewerk door robots zal worden gedaan, gevolgd door logistiek en de financiële sector. De IT-sector volgt, opvallend genoeg, pas op de vierde plaats. Als we de respondenten moeten geloven, zullen de functies van magazijnmedewerker (57,4 procent), telemarketeer (28 procent) en pakketbezorger (18,1 procent) binnen vijf jaar door robots worden uitgevoerd.

Over het onderzoek

Dit onderzoek naar de impact van Artificial Intelligence op banen is uitgevoerd onder 1.500 werkzoekenden en werknemers in België (750) en Nederland (750) en ging in op de manieren waarop, en in hoeverre AI en robotisering een rol zullen spelen in de toekomst.

Toshiba lanceert ‘pick-by-vision’ op slimme werkbril

Toshiba presenteert een nieuwe toepassing voor haar slimme werkbril. De xPick Windows-oplossing is een orderverzamelsysteem waarmee logistieke medewerkers instructies op hun werkbril zien voor orderpicking, het sorteren van producten, voorraadbeheer tot en met het ontvangen of verwijderen van goederen.

Deze nieuwste toepassing voor de Toshiba dynaEdge mini pc met slimme werkbril is de eerste ‘pick-by-vision’ oplossing in de markt gebaseerd op het Windows-IoT-platform.

Gebruikers in de logistieke sector krijgen via xPick instructies te zien op de de slimme werkbril. Daarmee houden ze hun handen vrij voor bijvoorbeeld het scannen van goederen, het (ver)pakken van producten of het toevoegen of wegnemen van goederen uit een magazijn of andere voorraadomgeving. Voor het verder vereenvoudigen van het werkproces kan xPick uitgebreid worden met modules voor barcodescanning, gewichtscontrole of om producten te lokaliseren.

Deze nieuwe mogelijkheden zijn een gevolg van de uitbreiding in de samenwerking tussen Toshiba en Ubimax, wereldwijd marktleider op het gebied van zakelijke wearables. Ubimax heeft jarenlange ervaring in de ontwikkeling van workflow-oplossingen voor uiteenlopende branches. xPick volgt in de voetsporen van xMake, xInspect en xAssist. Dit zijn allemaal Assisted Reality-workflow-modules voor de Toshiba dynaEdge die productiviteit van gebruikers verder vergroot.

"Sinds dit jaar staan slimme AR-oplossingen definitief op de kaart”, zegt Maki Yamashita, Senior Vice President PC & Solutions EMEA bij Toshiba Europe GmbH. “Zo blijkt uit ons recente onderzoek dat 77% van de Europese IT-beleidsmakers op zoek is naar innovaties waarmee productiviteit wordt vergroot en waarbij medewerkers hun handen vrij houden voor andere zaken dan een pc met toetsenbord. Met name in productie en logistieke omgevingen gaat de slimme werkbril met mini pc snel zijn weg vinden.”